"Ik leer en onderwijs u aangaande de weg die gij gaan moet!"

Slider
Van kracht tot kracht steeds voort
Lezen: Jozua 1:1-19
Zingen: Psalm 108: 1

Al ligt de tijd dat Jozua moest optreden en het oude volk Israël moest voortgaan op de weg die de Here had bevolen en waarvoor de Here ruimte had gemaakt tijdens de tocht door de woestijn, ver achter ons, toch staat daarmee het boek Jozua nog niet ver van ons af. Het heeft zijn duidelijke betekenis voor ons vandaag. En wie zich zet tot de bestudering van dit boek en de boodschap die uit dit boek tot ons klinkt, voelt zich al rijker met hetgeen de Here onze God hierin heeft ontsloten en voor ons heeft laten optekenen.
 
In het boek Jozua zien we immers de vervulling van hetgeen de Here aan Mozes en aan Israël, aan de vaderen van Israël had toegezegd. In dit boek wordt al duidelijker ontsloten het evangelie zoals dit in de wet en met de wet reeds was gegeven. De blijde boodschap dat God zijn volk rust en vrede zou schenken na ruim vier honderd jaar ellendige slavernij. Hier gaat open het antwoord op de vraag wat het betekent dat déze God hun God is en ónze God. Direct reeds in dit eerste hoofdstuk blijkt de vervulling van hetgeen in de wetten van Mozes was neergelegd. Niet alleen doordat de stam Ruben, Gad en de halve stam van Manasse ontvangen, hetgeen was beloofd en toegezegd, maar ook omdat Jozua en met hem geheel Israël de voorspoed zullen zien op al hun wegen. God is met hen en geen vijand kan hen dan nog deren. In het eerste hoofdstuk blijkt dan ook de band van hetgeen Jozua zal mogen verrichten met datgene wat aan Mozes toegezegd was. want Jozua ontvangt de opdracht om niet alleen de wet in zijn hart te bewaren, de woorden der wet, maar ook om ermee te werken. Het wetboek van Mozes mag niet wijken uit zijn aandacht. Hij zal het moeten overpeinzen dag en nacht en nauwkeurig ernaar moeten handelen. Wanneer hij zich daaraan houdt zal zijn tocht met het volk Israël een zegetocht blijken te zijn. God zal waarmaken wat Hij heeft toegezegd. Ze zullen daarom van kracht tot kracht moeten voortgaan, zonder verschrikken en zonder angst. Voortgaan van kracht tot kracht zal dan zijn een voortgaan van de ene naar de volgende overwinning.
 
De God van Israël zal zijn zegetocht houden en ruimte scheppen voor de verlossing die Hij reeds heeft bewerkt. Als God vóór hen is, wie zal dan nog met succes tegen hen kunnen zijn? later zullen de profeten juichen: Zijn naam is sterke Held, Hij staat hen terzijde! Met de verzoeking en de vijandschap zal Hij hun ook de uitkomst geven.
Zo deed God niet alleen in de dagen van Jozua, maar zo doet God nog in de laatste dagen van Jezus als Koning der aarde, de laatste dagen waarin de vijand ons nog overvallen kan.

 

Deze Schriftoverdenking is genomen uit het boek “Van boek tot boek, van dag tot dag”, onder redactie van ds. D. Vreugdenhil en uitgegeven bij J. Boersma te Enschede in 1979. Deze Schriftoverdenking is van de hand van ds. J.M. Goedhart.